GES006 - Nieuw planland

Natuurpark
Geopark
Natuurpark Heide/Veenland

Emslandplan

De Neulandstraße loopt kaarsrecht, zijstraten splitsen zich er haaks op af en begrenzen samen met de afwateringskanalen bijna perfect rechthoekige velden: dit landschap is niet toevallig ontstaan, maar op de tekentafel.
Al in het laatste derde deel van de 19e eeuw bestonden de eerste plannen om de voormalige heidevelden te ontginnen: de Pruisische staat had grote delen van de tot dan toe ongebruikte woestenijen geconsolideerd, opgekocht en deels onteigend met het doel deze te ontginnen. Er werden nederzettingsverenigingen opgericht, er werden middelen voor grondbewerking beschikbaar gesteld in het ‘Melioratiefonds’ en in 1877 begon het staatsveenonderzoeksstation in Bremen met zijn werkzaamheden. De Duitse hoogveencultuur kwam daar sterk tot ontwikkeling: door de drooglegging van het hoogveen met behulp van drainagesystemen en het bewerken en bemesten van de grond werd graslandbouw mogelijk. De autoriteiten in Bremen rekruteerden ook kolonisten om in het provinciale veengebied Schöninghsdorf proefboerderijen op te zetten. Al deze inspanningen werden onderbroken door de twee wereldoorlogen.
In 1950 nam de nieuw opgerichte Bondsdag het “Emslandplan” aan, een uitgebreid infrastructuurprogramma voor de regio Emsland en de aangrenzende gebieden. De Neulandstraße was een van de toegangswegen. Sinds 1955 is de nieuwe wijk “Hesepermoor-Mitte” gebouwd, evenals voltijdse en deeltijdse nederzettingsboerderijen en grote landbouwgebieden.
Een centrale rol hierbij speelden de stoomploegen van de firma Wilhelm Ottomeyer. Tussen 1950 en 1970 vermengden hun diepploegen de bovengrondse heidegrond met zandlagen tot wel twee meter dik – en legden met deze gemengde zandcultuur de basis voor de landbouw die vandaag de dag nog steeds wordt beoefend.
Er was in de naoorlogse periode een dringende behoefte aan nieuwe landbouwgrond en weidegronden: alleen al in Hesepe vonden enkele honderden ontheemden uit Silezië en Pommeren onderdak. Samen met anderen die hun land hadden verloren door bombardementen of onteigeningen, en met nazaten van de oude boeren, konden ze een aanvraag indienen voor een kolonistenperceel. De felbegeerde tuinpercelen en nederzettingen voor parttime- en fulltimeboeren werden met geld van het Marshallplan, de staat en de federale overheid opgeleverd als afgewerkte huizen met stallen, eenvoudige meubels en met het graan aan de stengel. Dit vormde de basis voor het inkomen in de beginperiode. In de regel toetste de commissie van de Vereniging Emsland de geschiktheid van de aanvragers alvorens de boerderijen werden overgedragen. Sommige kolonisten kregen ook hun boerderij toegewezen: de aanvragers trokken loten voor hun toekomstige huis uit de hoed van de commissieambtenaren.
In het nabijgelegen Emslandse Moormuseum zijn foto's en ooggetuigenverslagen te zien, evenals een grote Ottomeyerploeg.

Gut zu wissen

Contactpersoon: in

Int. Natuurpark Bourtanger Moor - Veenland eV
Bestelling lager 1
49716 Meppen

auteur

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland
Bestelling lager 1
D-49716 Meppen

Organisatie

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland

Licentie (stamgegevens)

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland
Licentie: Naamsvermelding, Gelijk delen

In de buurt