GES018 - Landschapsontwerpers voor dieren

Natuurpark
Natuurpark Heide/Veenland

Schapen beschermen landbouwgrond

Schapen beschermen het natuurschoon en de unieke leefgebieden – bijvoorbeeld hier in het Dalum-Wietmarscher Moor. Als we het aan zichzelf zouden overlaten, zou binnen enkele jaren de open vlakte van het hoogveen verdwijnen onder bramen, berken en struiken en zou er binnen enkele decennia een bos ontstaan.
Dit wordt voorkomen door de ruim 1.000 Moorschnucken- en Bentheimer Landschaf-schapen die in het natuurgebied grazen. De traditionele oude schapenrassen van de regio verhinderen de groei van grotere bomen in de knop of heel kort daarna. En ze snoeien de typische brem- en dopheide, die na dierensnoei nog krachtiger weer uitlopen.
Wat nu dient ter bescherming van een zeldzame flora en fauna, zorgde ooit voor het voortbestaan ​​van de mensen in de kale, onvruchtbare streken van de Geest en de heidevelden. Degenen die zich hier vestigden, ontdekten al snel dat er na het steken van turf en het droogleggen slechts zeer arme grond overbleef, waarop noch graan noch andere gewassen konden groeien. Bovendien was de grond ongeschikt als weidegrond voor vee. Schapen werden wel gevoerd.
Omdat de wolharige herkauwers zich ook op de schaarse vegetatie op de zandgronden van de Geest schikten, graasden er tienduizenden dieren in het gebied. Alleen al in het district Meppen leefden in 1810 ongeveer 120.000 schapen. Voor de fokkerij werden vrijwel alle bossen gekapt, zodat in de 19e eeuw de heide zich uitstrekte tot voorbij het oog.
De uitbreiding van de heide werd al in de 19e eeuw ingedamd, omdat zich in het Geestgebied steeds meer landinwaarts duinen vormden. Door zandverstuivingen verdwenen kostbare landbouwgronden en zelfs dorpen dreigden onder het zand te verdwijnen. Pas in de tweede helft van de 20e eeuw kromp het heidelandschap enorm. Het Emslandplan, een omvangrijk federaal infrastructuurprogramma, had onder andere tot doel grote stukken ‘braakliggend terrein’ te ontginnen met behulp van diepploegen.
Sinds 1980 beschermt het Nedersaksische Veenbeschermingsprogramma de resterende hoogveengebieden, zoals het Dalum-Wietmarscher Moor. Sindsdien zijn schapen geen boerderijdieren meer, maar nuttige helpers. Met hun eetlust houden ze het leefgebied van heideleeuweriken en heidesprinkhanen, zonnedauw en veenbessen in stand.

Gut zu wissen

Contactpersoon: in

Int. Natuurpark Bourtanger Moor - Veenland eV
Bestelling lager 1
49716 Meppen

auteur

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland
Bestelling lager 1
D-49716 Meppen

Organisatie

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland

Licentie (stamgegevens)

Internationaal natuurpark Bourtanger Moor-Veenland
Licentie: Naamsvermelding, Gelijk delen

In de buurt